by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 18th, 2013

Tussen 2009 en 2011 heeft een op de tien grote bedrijven in Nederland bedrijfsactiviteiten verplaatst naar het buitenland, vooral ict en administratieve diensten. De lagere loonkosten speelden daarbij een belangrijke rol. Door de verplaatsing van activiteiten zijn in drie jaar tijd ruim 18.000 banen verdwenen. Dat meldt het CBS, het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Vooral bedrijven in de industrie verplaatsen activiteiten naar het buitenland. Daar verdween 2,7 procent van de banen tegenover 0,2 procent in de andere sectoren.

Bedrijven kiezen vaak een bestemming in Europa. Buiten Europa is India het populairst.

Bij de verplaatsing gaat het niet alleen om besparing op de loonkosten. Ook strategische motieven spelen een rol.

Bron: CBS

by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 17th, 2013

Een vrouw uit het Australische Tasmanië kwam bij na een ernstig ongeval en sprak opeens met een Frans accent. Acht jaar later is er nog altijd niets veranderd aan haar situatie.
Buschauffeuse Leanne Rowe brak in een verkeersongeval haar rug en kaak in een ernstig auto-ongeluk en ontdekte de aandoening nadat ze was ontwaakt in het Melbourne’s Austin-ziekenhuis.

"Ze zeiden ze dat ik anders praatte door de sterke medicijnen".

Acht jaar later is haar Franse accent sterker dan ooit. De aandoening heeft Rowe angstig en depressief gemaakt. "Het maakt me zo kwaad, omdat ik Australische ben en geen Française.  Ik heb natuurlijk niks tegen Fransen", zegt ze tegen ABC News.

Rowe behoort tot de 62 mensen (en de tweede Australische) die in de afgelopen 70 jaar zijn gediagnostiseerd met het zogeheten Foreign accent syndrome.



by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 17th, 2013

Social media worden steeds meer onderdeel van ons dagelijks leven. Niet alleen zien we tweets en hashtags steeds vaker op en rond de programma’s die we op tv bekijken of op de radio beluisteren; ook in onze taal speelt wat we ‘sociaal’ doen een steeds prominentere rol. Niet verwonderlijk dus dat twittertaal opgenomen wordt in woordenboeken. ‘Onze’ van Dale deed dat al en het belangrijkste Engelse woordenboek, The Oxford Dictionary’ deed het ook al, en die laatste heeft vorige week nieuwe woorden/betekenissen toegevoegd.
‘Tweet’ is overigens niet het enige woord dat opgenomen/aangevuld is. Ook follow (werkwoord) en follower (zelfstandig naamwoord) zijn als bekende twitterwoorden toegevoegd.

Ook ‘socialmediawoorden’ als crowdsourcing, flash mob en geekery zijn opgenomen.

by Mathilde Jansen on Monday June 17, 2013

Hoe leren we onze moedertaal? Deze vraag stond centraal tijdens de lezing van promovenda Brigitta Keij tijdens Bessensap 2013. Keij: “Veel mensen denken dat het leren van taal begint met het uitspreken van het eerste woordje. Maar daarvóór gebeurt er al ontzettend veel. Baby’s luisteren in eerste instantie naar het ritme van de taal.”

Eigenlijk begint taal leren met luisteren. En dat luisteren begint al voor de geboorte, in de buik. Met vijf maanden is het gehoor van een foetus zodanig ontwikkeld dat het geluiden kan opvangen van buiten. “Dat klinkt een beetje als neuriën,” vertelt Brigitta Keij tijdens de eerste Masterclass op Bessensap 2013. Keij is als promovenda verbonden aan het babylab van de Universiteit Utrecht. Haar promotieonderzoek gaat over het allereerste stadium van de taalontwikkeling.

Pregnant

Brij van woorden

De manier waarop baby’s naar taal luisteren, is vergelijkbaar met de manier waarop wij naar een voor ons vreemde taal luisteren. Het klinkt als een brij van woorden: de grenzen tussen woorden zijn nog helemaal niet duidelijk. Anders dan in geschreven taal, waar spaties grenzen tussen woorden weergeven, zijn de woordgrenzen in gesproken taal moeilijker te herkennen.

Vooral wanneer mensen snel spreken is er geen adempauze tussen woorden te horen. Meestal zijn woorden zelfs helemaal aan elkaar vast geplakt: davinknieleuk. Je kunt hier tegenin brengen dat ouders hun taalgebruik nogal eens aanpassen aan het kind. Toch blijkt uit onderzoek dat slechts tien procent van het taalgebruik van ouder op kind bestaat uit losse woordjes. De rest bestaat wel degelijk uit hele zinnen, aldus de promovenda.

Ritme van de taal

Hoe ontdekken baby’s dan de grenzen tussen woorden? Daarbij helpt het ritme van de taal, legt Keij uit: “Het ritme van de taal is een aaneenschakeling van beklemtoonde en onbeklemtoonde lettergrepen.” Elke taal heeft zijn eigen ritme, of klemtoonpatroon: zo ligt de klemtoon in Nederlandse woorden meestal op het woordbegin, maar in het Turks ligt dat juist op het woordeinde.

Melodramababs
flickr: melodramababs

Kinderen ontwikkelen al heel snel een voorkeur voor het ritme van hun eigen moedertaal, weet Keij uit onderzoek in het babylab. Ze legt uit hoe de experimenten met baby’s in zijn werk gaan: “Bij baby’s meten we aandacht en interesse aan de hand van kijk- en luisterexperimenten. Kijktijden meten we met een zogenaamde eyetracker-camera.”

In één van de experimenten kregen baby’s van zes maanden een vrouwenhoofd te zien dat de ene keer met het klemtoonpatroon van het Nederlands en de andere keer met het klemtoonpatroon van een andere taal dan het Nederlands sprak. Deze kinderen keken het langst wanneer de vrouw met het klemtoonpatroon van het Nederlands sprak, en lieten daarmee een duidelijke voorkeur zien voor hun moedertaal. Keij: “Deze uitkomst laat zien dat de taalontwikkeling al ver voor het eerste woordje aan de gang is.”

Kansberekening

Dat baby’s hun moedertaal al zo snel herkennen heeft dus alles te maken met het kunnen herkennen van het klemtoonpatroon. En dit op zijn beurt is een belangrijke eerste stap op weg naar het ontdekken van woordgrenzen. Maar daarbij spelen ook nog andere aspecten een rol, legt de onderzoekster uit. Zoals bijvoorbeeld klankopeenvolgingen: “Er wordt momenteel veel onderzoek gedaan naar de verwerking van taal door baby’s. Daaruit blijkt dat baby’s tijdens het luisteren naar taal continu aan het berekenen zijn hoe vaak ze een bepaalde klankcombinatie al hebben gehoord en hoe waarschijnlijk de kans is dat die klankcombinatie binnen de grenzen van een woord valt.” Op het moment dat een kind zijn eerste woordje laat horen, is het dus al veel verder in de taalontwikkeling dan wij misschien denken.


More ▸


by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 15th, 2013

Google wil 30 ballonnen in de stratosfeer brengen. Doel van het project: miljoenen extra mensen toegang geven tot het internet.
Foto: EPA
Niet iedereen op de wereld heeft toegang tot het internet. Twee op de drie mensen hebben zelfs nog geen (of zeer beperkte) toegang. Dat heeft onder meer te maken met de problemen van het aanleggen van internet in bergachtige gebieden.

Zweven

De fysieke beperkingen van toegang tot het internet zouden met Project Loon moeten worden opgeheven. De ballonnen hebben een diameter van 15 meter en zullen op 20 kilometer hoogte rond de aarde gaan zweven. Ter vergelijking: een vliegtuig vliegt ongeveer op 10 kilometer hoogte.

De ballonnen communiceren met internet-antennes op de grond. De internetverbinding die de 30 ballonnen tot stand brengen zal in eerste instantie schokkerig zijn. Op termijn hoopt Google het aantal ballonnen dusdanig te vermeerderen dat een verbinding met de snelheid van 3G wordt doorgegeven.

100 dagen

Eén ballon moet 100 dagen in de ruimte kunnen blijven en zou voor verbinding moeten zorgen in een gebied van 40 kilometer rondom het punt waarboven ze hangen. De eerste ballonnen worden opgelaten in Nieuw-Zeeland, waar 50 mensen de gloednieuwe internetverbinding gaan testen.

Bekijk de video:

by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 14th, 2013

Havo-leerlingen van het Edith Stein College in Den Haag moeten het examen Duits overdoen vanwege een blunder. De nagekeken examens zijn bij een docent thuis door een misverstand bij het oud papier terecht gekomen en door de papierversnipperaar gehaald. Daardoor konden de examens niet door een tweede docent gecontroleerd worden. Dat is verplicht.
Papierversnipperaar | Sumit - Flickr / Creative Commons 2.0 by-nc-sa
De zes leerlingen die het examen Duits hadden gemaakt, moeten dat opnieuw doen in de herkansingsperiode, volgende week. Daardoor weten ze nog niet of ze geslaagd zijn.

"Ik had mijn examen al via internet gecontroleerd en zou daarmee geslaagd zijn. Nu moet ik het examen volgende week opnieuw gaan maken. Ik had mijn vakantie al geboekt", zegt een leerling.

Het Edith Stein College spreekt van een afschuwelijk misverstand. In een verklaring schrijft de school dat de docent hevig ontdaan is door de blunder en biedt de school de leerlingen zijn "diep gemeende verontschuldiging".


Bron: NOS

Posted on Friday June 14, 2013

JUST twenty years ago, a language student removed from live practice or in-person classes had to rely on books or cassette tapes. Those were tough times: learners needed exceptional motivation, and got little feedback on their progress. Later on, websites providing textbook-style grammar lessons would pop up, making access easier but still giving little in the way of interaction. Starting in the mid-1990s, Rosetta Stone (whose latest incarnation Johnson reviewed in January) added a bit of interactivity to the learning process, if at steep prices. As software like Rosetta Stone’s improved and added more online functions, free and low-cost services started to appear to compete with it. Unlike older rote grammar websites, the best among these sites have focused on interaction and personalised feedback. Livemocha, for one, pairs far-flung learners on its forums and encourages users to trade languages. Livemocha and its 16m subscribers were swallowed up by Rosetta Stone in April, filling out Rosetta Stone’s once-vacant online forums.

For those who lack the patience for forums or the pockets for pricey services, there are (of course) apps for that. Two in particular stand out as excellent. The first is Duolingo, which I have been using to learn French for eight months now. The other is Babbel, where I’ve been picking at Dutch for the past two months.

Duolingo, unlike Rosetta Stone, Livemocha or Babbel, is free. (The company makes money by charging for text translations, crowdsourced from users. That corner of the site isn’t entirely smooth yet, so it’s a distraction for most learners.) Lessons are available for English, French, Spanish, German, Italian and Portuguese. Much of the learning happens in the form of rapid-fire quizzes, which switch frequently between testing speaking, listening, and writing. High scores unlock further lessons. You can compare your progress with your friends’ through Facebook, a successful use of "gamification". Duolingo’s free smartphone app offers nearly all the same content as the website, too. I was surprised at how good the app was, since most language apps have tended to be spartan, buggy or both. Duolingo’s speaking quizzes on the app seem particularly magical considering the voice recognition tech behind it was nearly unusable just a few years ago on other software.

It’s a joy to use Duolingo, in part because its phone app is not only convenient to use but full of new content. But while it’s a great start, it’s not perfect. For now, its lessons are deep—I haven’t even spotted the end-mark of my French lessons—but the language selection is small. I also suspect that Duolingo’s clientele is limited by its style of teaching. The quizzes focus on mastering structural blocks, like relative pronouns or a particular class of nouns. It doesn’t really teach conversational skills. If I didn’t already know the basics of French conversation, I’d be helpless in France. The focus is great for serious beginners or long-term learners, but much less useful for casual learners or tourists.

Babbel fills in some of those gaps. It isn’t free: it runs from $7.45 to $12.95 a month. This is still far cheaper than Rosetta Stone ($239 for an annual subscription, or $25 a month, with frequent sales and discounts). I needed a Dutch class before I left for the Netherlands, and Babbel stepped up with  one of the very few online Dutch courses out there.  In addition to the six languages also offered by Duolingo, Babbel has Swedish, Turkish, Dutch, Polish, Indonesian, Norwegian and Danish. They’re not all as well developed as Spanish or French, but many learners will be grateful that they exist at all.

Babbel’s lessons, unlike Duolingo’s, first focus on building basic conversational skills. For a Dutch learner like me, more interested in speaking than reading, Babbel works well. (I suspect that most learners are first interested in learning how to communicate, anyway.) Babbel will also occasionally set off immersive lessons by explaining grammatical concepts at length. As a linguistics enthusiast, I particularly enjoyed the little tutorials. It’s a nice contrast to the technique of, say, Rosetta Stone, which emphasises total immersion much more than rote grammar.

Babbel’s interface is clean but still a little buggy. It’s hard to repeat slides or audio recordings without going through an entire lesson twice. The microphone tech didn’t like my Dutch pronunciation (which could be entirely my fault), and repeating yourself six or seven times to get it just right is wearying. I suspected that the issues were limited to the still-new Dutch syllabus, but I found many of the same problems in the French section. Babbel’s phone apps (one for each language) are good, but not great. It works without an internet connection, a plus. It’s perfect for reviewing vocabulary. But it doesn’t offer all of the same functionality of the website (unlike Duolingo), a shame considering it’s a paid service. But Babbel's focus on speaking, the wide selection of languages and the modest price make it competitive with both the free Duolingo and the sophisticated but pricey Rosetta Stone. 

For students learning English, Spanish, French, Portuguese, German or Italian, Duolingo and Babbel might actually work quite well in concert, filling in the other’s gaps. I, for one, plan to continue using both. Duolingo and Babbel are two exceptionally good sites. Given that they’re competing quite vigorously with each other and with Rosetta Stone, their services can only get better. Language learners can expect some exciting developments in free and low-cost services in the next few years.

Follow paywall rules

More ▸


by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 14th, 2013

Voor de tweede keer in korte tijd heeft Microsoft de iPad in een reclame voor schut gezet. De tablet van Apple zou op het terrein van zoomen, multitasking en het uitbreiden van opslagcapaciteit met SD-kaarten tekortschieten. 

Met de stem van Siri wordt de kijker gewezen op een aantal dingen die met de iPad niet kunnen en met de tablet met Windows RT als OS juist wel.

Bekijk de video:

by Mathilde Jansen on Friday June 14, 2013

Taal als wezenskenmerk van de Nederlandse identiteit. Dat is kort gezegd het onderzoeksobject van Vidi-winnaar Gijsbert Rutten, taalwetenschapper aan de Universiteit Leiden. Hij concentreert zich op het tijdvak 1750-1850: “Het is een sleutelperiode omdat dan de taalpolitieke en nationalistische context zo prominent wordt. De natiestaten worden gevormd. In literaire genootschappen ontstaan meer dan ooit discussies over taal. Met name de koppeling tussen taal en volk is heel achttiende-eeuws: weerspiegelt de taal het karakter van een volk?”

Statenbijbel

Eerste druk van de Statenvertaling uit 1637

De opkomst van de Nederlandse standaardtaal wordt vaak gesitueerd in de zeventiende eeuw, met schrijvers als Vondel en Hooft en met als hoogtepunt de Statenbijbelvertaling in 1637. Volgens Rutten valt daar wel wat op af te dingen: “Je kunt je afvragen of er in de zeventiende eeuw al een standaardtaal is. De verschillen tussen de teksten die we kennen uit die tijd, zijn nog minstens even groot als de overeenkomsten. Het is evident dat de taal in de zeventiende eeuw wat uniformer is dan in de zestiende eeuw, en in de zestiende eeuw wat uniformer dan in de vijftiende eeuw. Maar in de achttiende eeuw komt alles in een stroomversnelling. Dan ontstaat heel duidelijk het idee: wij hebben voor ons volk één taal nodig.”

Literaire genootschappen

En dat idee ontstaat in de literaire genootschappen, die in de achttiende eeuw een belangrijke stempel drukken op de politiek, vertelt Rutten. “De mensen die in die genootschappen zitten vervullen vaak ook politieke functies. In zekere zin is het zelfs één circuit van mensen die in Leiden gestudeerd hebben.” De discussie over een eenheidstaal wordt onder andere gevoerd door Petrus Weiland en Matthijs Siegenbeek. Aan het begin van de negentiende eeuw resulteert dat in echte taalpolitiek. Dan besluit de regering dat er een officiële spelling en grammatica nodig zijn. “En dan zijn het diezelfde Siegenbeek en Weiland die die spelling en grammatica ontwerpen. Siegenbeek was sinds 1797 hoogleraar Nederlands, een van de eersten in het taalgebied. In 1804 verscheen zijn spelling. De grammatica van Weiland verscheen een jaar later, in 1805.”

Op school: zo standaard mogelijk

Rutten

Gijsbert Rutten is taalwetenschapper aan de Universiteit Leiden. In mei 2013 ontving hij een Vidi-subsidie van NWO.

Met zijn Vidi-beurs wil Rutten enerzijds onderzoeken hoe het idee van die standaardtaal precies is ontstaan in de context van het nationalisme. Aan de andere kant wil hij kijken hoe die taal vervolgens werd ingevoerd en opgelegd, met name in het onderwijs. “De gewone omgangstaal in die tijd is het dialect, op school moet het algemeen Nederlands worden onderwezen. Daardoor ontstaat een scherpe scheiding tussen het algemene Nederlands – in die tijd ook wel Nederduits genoemd – en wat mensen daadwerkelijk spreken. De standaard wordt naar voren geschoven als iets wat je moet kennen; de niet-standaard moet je maar vergeten. De vraag is of kinderen op school bewust werden gemaakt van dat onderscheid en hoe dat in zijn werk ging. Mijn hypothese is dat ze zo standaard mogelijk moesten praten.”

Om deze vragen te onderzoeken, wil Rutten putten uit de vele archivalische bronnen die er zijn voor het onderwijs. Zo zijn er schoolboekjes en tijdschriften voor onderwijzers bewaard gebleven, maar ook notulen van zogenaamde onderwijzersgenootschappen, correspondentie van onderwijzers en inspectierapporten. Veel van die bronnen zijn nog niet onderzocht, weet de onderzoeker, op een paar uitzonderingen na: “Met name in Groningen en Drenthe is door onderwijshistorici al veel werk gedaan: het archiefmateriaal is daar al enigszins blootgelegd. Ik denk dat het interessant zou zijn om vooral ook naar niet-Randstedelijke gebieden te kijken. Omdat daar het verschil tussen de omgangstaal en de standaard groter was. De situatie van het Fries is natuurlijk heel bijzonder. Het Fries werd nog gezien als dialect en niet als zelfstandige taal. Er was wel een vaag besef van de Friese schrijftraditie vanaf de Middeleeuwen. Maar het Fries wordt pas opnieuw gedefinieerd in de negentiende eeuw door de Friese beweging.”

Spellingsstrijd

In een derde project tenslotte, wordt gekeken naar het succes van de taalpolitiek in de achttiende en negentiende eeuw, na de invoering van de officiële spelling en grammatica. “Ze waren officieel, in zoverre dat ze door de overheid verordonneerd waren. Er waren geen wetten die het gebruik ervan verplicht stelden. Maar er was een zeer dringend advies aan zowel het onderwijs als de ambtenaren om ze te gebruiken.” De situatie was daardoor min of meer vergelijkbaar met nu: ook het Groene Boekje is verplicht voor overheid en onderwijs, maar er volgen geen sancties wanneer een ambtenaar zich daar niet aan houdt.

Matthias-siegenbeek

Matthijs Siegenbeek (1774-1854) Wikimedia Commons

De spellingsstrijd die we kennen uit 2005 tussen aanhangers van het Groene en het Witte Boekje is ook niet nieuw, legt Rutten uit: “Met name uit literaire kring was er verzet tegen Siegenbeek. De schrijver Bilderdijk had zijn eigen spellingssysteem en die had ook zijn volgelingen: schrijvers die perse Bilderdijkiaans wilden spellen. In België was er sowieso verzet tegen Siegenbeek. Er was toen al een politieke scheiding, met uitzondering van de periode 1815-1830.” Maar daar zijn al veel studies over verschenen, voegt Rutten toe. En dat verklaart meteen waarom zijn onderzoek zich beperkt tot de Noordelijke Nederlanden: “Voor de Zuidelijke Nederlanden bestaat een rijke traditie aan onderzoek naar taalpolitiek in de negentiende eeuw. Hier in Nederland totaal niet, dus dat wordt hoog tijd.”


More ▸


by THIJSSEN TRANSLATIONS on June 13th, 2013



◀ Older Posts


Volg ons op social media

follow on
follow on
follow on
follow on
follow on
follow on
Zoeken

Tags

2012 90's AKO Accent AgentschapNL Alexander Pechtold Anders Breivik Apple Arondéuslezing Bart Chabot België Bert Brussen Boeken Bonaire Buitenlandse bedrijven Business Cervantesprijs Charles Dickens China Chinees Chinese vertalingen Chinese College Bescherming Persoonsgegevens Cornips Cost of Knowledge Dag van de Duitse taal Dance Daniel C. Denett De Pers Deloitte Dijsselbloem Docent van het jaar Doeschka Meijsing Draghi Duidelijketaalprijs Duitsland ECB EU. vrouwen EU Eamens Easter Einstein Electrowetting Elektronisch papier Elsevier Engeland English Erasmusprijs Erasmus Euro2012 European Patent Office Europese Dag van de Talen Foreign accent syndrome Forum Frankrijk Frans Freedom House Fries GPD Gebied van Wernicke Gmail God Allemachtig Google Loon Google Translate Google Grafische sector Grexit Griekenland Groot Katholiek Dictee Groot-Brittannië Guus Meeuwis Hatchet Job of the Year Award Hatchet Job of the Year Heerlen Henk Bleker Herman Koch Het diner Hitler IDeal ING Indo-Europees Inktspotprijs Institut Néerlandais Instituut voor Nederlandse Lexicologie Intellectual Property Internet Explorer James Joyce Jolande Sap Karlspreis Kiev Koninginnedag Koningslied Kuifje Limburgs Limburg Lof der zotheid London MSN Maarten Ducrot Management Mark Rutte Martinus Nijhoffprijs Max Planck Instituut Meertens Instituut Mein Kampf Merkel Microsoft Mooiste Spaanse woord NL EVD Internationaal NPO NRC Handelsblad NRW NTR NV-A Nationale Secretaressedag Nationale Voorleesdagen Nederland vertaalt Nederlands Nelson Mandela Nic Balthazar Nobelprijs Noord-Brabant Noordrijn-Westfalen Oekraïne Olympische Spelen Omroep Papiamentu Pasen Patents Persgroep Persvrijheid Poland Prepare2Start Project Loon Pulitzer Prize Rotterdam Rutte SPRING Utrecht Samsom Selexyz Siegfried Woldhek Sign language Sjoerd Kuyper Skype Smaak Spaans Spanje Step Vaessen Taalfout Taalpeil Taalunie Tekst TextielLab Textielmuseum The Endangered Languages Project Theo Thijssen Thorbeckeprijs Tilburg Tour de France UK Ukraine Umberto Eco UvA VK Van Dale Vargas Llosa Vlaams parlement Vlaams Vrede van Nijmegen Penning Waals Wallonië Willem Vermeend Wim Daniëls Woutertje Pieterse Prijs Zeitgeist acta advertenties afasie alfabet alphabet antipiraterijwetgeving armoede auteursrecht baby's babynamen banken beëdiging bibliotheek body language boekenfestival boekenweek boekwinkel brain brein codetaal code communicatie congresnederlands cookies corrigeren crisis cultuurfonds cultuurmerk cv dagboeken debat dialect dictee digitale tijdperk duits dyslexie economie eindexamen emoties endoniemen engels europa euro examenfraude examen exoniemen expats export facebook film filosofie gehoor geluid google + hashtag hersenen hyves iPad informatie internet investeringen journaal kinderboeken language language skills language skills languages language leraar leraren letters lezen lichaamstaal linguistic diversity linkedin linkshandigendag linkshandig literatuur lonen loonkosten maastricht man media meertaligheid merk mistakes monoloog mot-dièse nederland nos nrcnext.nl octrooi offshoring onderwijs leraar hbo-raad studeren hbo onderwijs overheid plagiaat politiek poëzie privacy proeflezen pvv recensies. literatuur recessie redundantie samenwerking schrift schuldencrisis science seo sneeuw social media speech spelling spraakcentrum spraaktechnologie spraak stem studeren subsidieregeling subsidie taalachterstand taaladvies taalbeheersing taalblunders taalcommissie taalfouten taalgebruik taalnieuws taalontwikkeling taalstrijd taaltoets taalvaardigheid taalverandering taalverschillen taalverwerking taalverwerving taalwet taal tablet talenkennis talenstudies talen tekstschrijven terminologie thijssen translations translation tv twitter typografie uitgever universiteit verhuizen verkiezingen VS verkiezingen vertaalblunder vertaalbureau Tilburg vertaalbureau vertaalfouten vertaalsoftware vertalen vertalingen Tilburg vertalingen vertaling vrouw webteksten wegener weigerambtenaar wetenschappelijke literatuur wetenschap wielerjargon wielertaal wikipedia wildbreien woord van het jaar woordenboek woordgebruik wordfeud zitten zoekmachine